Verschijnselen

Bij een verslaving komen psychische, lichamelijke en sociale verschijnselen voor.

Psychische verschijnselen

Er bestaat een terugkerende onweerstaanbare behoefte aan het middel. Wie ernstig verslaafd is, is een groot deel van de dag bezig met gebruik van het middel of gedachten daaraan. Het gebruik wordt vaak verborgen gehouden of ontkend. Naast deze verschijnselen ziet men soms ook depressies, angst en/of verwardheid.

Lichamelijke verschijnselen

Er zijn twee belangrijke lichamelijke verschijnselen. Allereerst kan de gebruiker tolerantie ontwikkelen ten opzichte van het middel. Dit betekent dat men steeds meer nodig heeft om eenzelfde effect te bereiken. Daarnaast kan het lichaam zo gewend raken aan het regelmatige gebruik dat het niet meer zonder kan. Bij staken van het middel ontstaan onaangename ontwenningsverschijnselen zoals bijvoorbeeld trillen en zweten bij alcoholontwenning. Deze verschijnselen verdwijnen als opnieuw gebruikt wordt. Het willen vermijden van die verschijnselen vormt een belangrijke reden om door te gaan met gebruiken.

Sociale verschijnselen

Omdat de gebruiker niet meer goed functioneert, ontstaan conflicten met de omgeving (partner, gezin, familie en vrienden) en op het werk. De gebruiker beperkt zijn bestaan steeds meer tot die personen en die situaties die direct te maken hebben met het verkrijgen van het middel. De omgeving neemt vaak afstand van de gebruiker.